Effective solutions

  • 3 kamer appartement in Goch met tuin per direct Type: Appartement
    Plaats: Goch
    € 465
  • Landhuis met paardenboxen in de natuur Type: Vrijstaand
    Plaats: Emmerich
    € 1,750
  • Zeer mooie gemeubileerde woning te koop of te huur Type: Geschakeld
    Plaats: Kranenburg
    € 1,025
Wie Wat Kranenburg PDF Afdrukken E-mail

Waltoren in KranenburgKranenburg is een gemeente gelegen in de regio Nederrijn aan de Nederlandse grens dicht bij Nijmegen. De plaats behoort tot het districht Kleve. Sinds het openstellen van de Europese binnengrenzen is Kranenburg als woonplaats in trek bij Nederlanders uit de grensregio.

De gemeente Kranenburg beslaat een oppervlakte van 77 km² en telt 9.963 inwoners. De bevolkingsgroei van Kranenburg heeft echter een flinke toename laten zien door de toestroom van Nederlanders, voornamelijk afkomstig uit het nabijgelegen grensgebied. Zo rapporteerde de gemeente Kranenburg een toename van geregistreerde buitenlandse migranten van 216.4% tussen 1992 en 2008. Als grootste reden hiervoor wordt "economische migratie" en "financieel gewin" aangegeven. Ook het Landschaftsverband Westfalen-Lippe (LWL) (h)erkent in zijn analyses deze grote migratiestroom uit Nederland op grond van uitsluitend financiële voordelen. In haar bevolkingsprognoses laat het LDL een verdere toename van het aantal Nederlanders zien.Deze vorm van migratie is mogelijk gemaakt door de vrije vestiging volgens de regels van de Europese Gemeenschap.

Delen De gemeente bestaat uit de volgende delen: Frasselt Grafwegen Kranenburg Mehr Niel Nütterden Schottheide Wyler Zyfflich

Kranenburg werd in de 13e eeuw gesticht door de Graven van Kleef. De eerste historische bronnen vermelden een Burg Kranenburg uit 1270 en een kerk uit 1277. Sinds 1294 bezit de plaats stadsrechten. Door de vondst van een 'wonderbaarlijk kruis' kreeg de plaats in 1308 betekenis als bedevaartsoord. In 1370 kwam het gebied van Kranenburg, dat tussendoor aan de 'Heren van Hoorn' verpacht was geweest, terug aan Kleef. In deze tijd bestond in het stadje een eerste vestingwal. Rond 1400 werd er een nieuwe burcht gevestigd met een stenen vestingmuur en twee poorten. Het aantal torens is niet bekend; wel weet men dat de meest zuidelijke toren als windmolen gebruikt werd. In de eerste helft van de 15e eeuw beleefde de stad een economische bloeiperiode die tot uitdrukking kwam in de bouw van een grote gotische kerk. In 1436 werd het Martinsstift vanuit Zyfflich naar Kranenburg verhuisd. In 1446/47 werd in de Kranenburger Molenstraat een Schwesternkonvent ingericht dat een bijvestiging was van het Klever Schwesternhauses vom Berg Sion. Door meerdere stadsbranden en overstromingen van de Rijn kwam de economische bloeitijd in de late Middeleeuwen ten einde. Door het uitsterven van het Jülich-Kleve-Bergischen Herzoghauses in 1609 viel de plaats samen met het Hertogdom Kleef aan de Keurvorst van Brandenburg.

De gemeente ontstond in zijn huidige vorm op 1 juli 1969 bij de gemeentelijke herindeling van de deelstaat Noordrijn-Westfalen. De plaatsen Kranenburg, Wyler en Zyfflich van het Amt Kranenburg en de plaatsen Mehr en Niel van het Amt Rindern werden samengevoegd tot de gemeente Kranenburg. In het kader van een tweede grote herindelingsronde werden op 1 januari 1975 de districten Kleef en Geldern samengevoegd met delen van de districten Moers en Rees tot het huidige district Kleef.

De burgemeester van Kranenburg is Günter Steins (CDU). Sinds de laatste gemeenteraadsverkiezingen op 30 augustus 2009 betstaat heeft de gemeenteraad de volgende zetelverdeling: CDU: 52,0% (15 zetels) SPD: 29,3% (8 zetels) FDP: 9,7% (3 zetels) Bündnis 90/Die Grünen: 9,1% (2 zetels)

Kranenburg: Nederlandse migranten en integratie Alhoewel de instroom van Nederlanders naar Kranenburg zeer substantieel is, blijkt de integratie en inburgering van deze Nederlandse migranten minimaal tot niet bestaand. Het Landschaftsverband Westfalen-Lippe (LWL) rapporteert dat de Nederlandse migranten grotendeels geen deel uitmaken van de Duitse samenleving, en vrijwel exclusief op Nederland zijn georiënteerd. Volgens het LWL nemen gemigreerde Nederlanders niet deel aan het Duitse verenigingsleven, kerkgemeenschapen, gaan weinig Nederlandse migrantenkinderen naar Duitse scholen, stelt men zich niet via Duitse kranten/ televisie op de hoogte van Duitse actualiteiten, en maken vrijwel geen van de migranten gebruik van Duitse infrastructurele voorzieningen, zoals bijvoorbeeld artsen en ziekenhuizen. Andere onderzoeken en analyses bevestigen dit beeld. Zo schrijven van Houtum en Gielis in hun analyse van 2006: Maar ook voor triviale dingen als een potje pindakaas of het onderhoud van de auto steken ze de grens over.

Het dagelijkse grenshoppen is duidelijk zichtbaar in het Nederlands-Duitse en Nederlands-Belgische grenslandschap. Kenmerkend voor de doordeweekse dagen is de stoet Nederlanders die de grens over rijdt op weg naar of terug van werk en school.
Op zondagmiddag wordt het grenslandschap gedomineerd door een Nederlandse stoet auto’s richting Duitsland en België, op de terugweg van een bezoek aan vrienden en/of familie. Aan de Duitse grens is dit grenshoppen nog extremer dan aan de Belgische, omdat de Nederlanders in de Duitse grensgebieden bijna allemaal afkomstig zijn uit de grensregio en daar familie en vrienden hebben zitten. Alleen op zaterdagochtend blijven de Nederlandse migranten aan de Duitse kant; er komen dan zelfs Nederlanders naar Duitsland, om goedkoop boodschappen te doen.

Internationale wetenschappelijke publicaties maken ook melding van een "tweeledig beleid" dat Nederlanders plegen toe te passen; de Nederlandse politiek, regelgeving, media, en opinie benadrukken dat integratie van migranten in de Nederlandse samenleving een groot goed is. Zo geeft de Nederlandse Rijksoverheid aan dat migranten "allereerst de taal spreken en op de hoogte zijn van de Nederlandse samenleving". Daarentegen wordt over Nederlandse migranten bijvoorbeeld gemeld dat zij niet eens de moeite om pompbedienden of winkelpersoneel in het Duits aan te spreken, en zij hun bezit in Duitsland als Nederlands markeren met vlaggen, symbolen en kleine schilden. Verder wijzen critici op de discrepantie tussen werkende "grenspendelaars" en werkeloze Nederlanders. Immers, als werkenden dragen zij als "gastarbeiders" belastingen af in Nederland. Echter, als zij de baan in Nederland verliezen, ontvangen zij een Duitse sociale zekerheidsuitkering. Zo benadrukken zij de complicaties van de Duitse sollicitatieplicht, de geringe of ontbrekende kennis van de Duitse taal van de Nederlandse migranten en het zeer substantiële verschil in arbeidscultuur tussen Duitsland en Nederland.

Kranenburg is berucht in de grensregio. Elke Duitser in het gebied rond Kleef kent het dorp als de plek ‘waar al die Hollanders wonen’. Op een bevolking van 10 duizend zielen telt Kranenburg bijna tweeduizend Nederlanders.

Wegen
De B9: die van de Nederlands grens bij Kranenburg verbindt met Lauterbourg aan de grens met Frankrijk. Het doorgaande verkeer (Kleef - Nijmegen) wordt sinds 2006 omgeleid over een rondweg. Doorgaand gemotoriseerd verkeer wordt sindsdien ontmoedigd om door het centrum te rijden.
Spoorwegen In 1992 werd de spoorlijn Nijmegen - Kleef opgeheven. In het voormalig station van Kranenburg, waar deze lijn ook een halteplaats had, zijn nu een restaurant en een informatiecentrum gevestigd. Sinds 2008 rijdt over het oude spoor vanuit Groesbeek via Kranenburg naar Kleve een fietsdraisine. Men kan fietsen over het oude spoor met 4 tot maximaal 14 personen.
Bus Met de bus is Kranenburg bereikbaar met NIAG-lijn SB58, die Emmerich, via Kleve, en Nijmegen verbindt, NIAG-lijn 55 tussen Groesbeek en Kleve en met Breng-lijn 57 Nijmegen-Kranenburg.